Giro d’Italia #4

Ook vandaag geen kleine Lasse als wekker. En dus werd er gematigd uitgeslapen. Aan de ontbijttafel ontstond een geanimeerde discussie over de huidige stand van zaken in Italie en het land rammelt op een een gebrek aan grondvesten. Hoe nieuwe wetten gelijk tangen op varkens slaan en hoe dat heeft geleid tot een compleet verloren generatie van Bamboccioni: dertigers en veertigers die nog langzamer dan alle Italianen voor en na hen een weg vinden richting het universele doel der doelen: huisje-boompje-beestje. Samengevat kan men zonder blik noch bloos vaststellen dat het in Italië een gigantische teringzooi is en dat het land op basis daarvan beter aan de andere kant van de Middellandse Zee had kunnen liggen.

Deze constatering kwam tot stand rondom droge zandkoekjes alsmede een kop koffie van een sterkte dat ‘ie je tandvlees bijkans vloeibaar maakt. Waarbij in gemist Italiaans-internationaal gezelschap wordt vastgesteld dat er geen land ter wereld is waar koffie zo goed smaakt als in Italië, wat dan weer wordt gevolgd door het willekeurig droppen van de termen Amerika, water en ketchup. Gevolgd door een opsomming van geweldige regionale producten. Ik doe hieraan overigens vrolijk mee, dort nicht von. Simona vertelde over een Amerikaanse couchsurfer die niet uitgesproken raakte over de smakelijkheid van Bruschetta. Dat soort complimenten wordt keihard tegen ze gebruikt: hoe ongeciviliseerd kun je zijn als je iets simpels als bruschetta (yummie) zo completelijk geweldig vindt.

Als bijdrage aan dit gesprek vertelde ik over de Australier die ik in een Letse jeugdherberg had uitgenodigd mee te eten van de ruim overschietende hoeveelheid maaltijd die ik had geprepareerd: pasta met op-de-plaatselijke-markt-gekochte paddestoelen. Of hij het lekker vond – jazeker. Maar was er ook ketchup, en vervolgens ging de halve fles erover. En het drietal Engelsen dat in Maribor Slovenië kennismaakte met mijn nochtans weinig buitensporig te noemen culinaire prestaties. Zij kregen het voor elkander om mij te complimenteren met de heerlijke geur van het eten terwijl ik nog helemaal niets op het vuur had gezet. Alles wat ik had gedaan was het snijden van de tomaten, uien en paprika’s. Genoeg om een paar Engelse quasi-bejaarden gastronomisch op te hitsen. Ja, ingredienten. Dat hebben ze daar al 20 jaar niet meer

Dit alles om te zeggen dat ik qua voedselreflecties een vrolijk toontje mee kan blazen met de Italianen. Van hun dynamische scala aan collectief-pathologische vaardigheden is hun preoccupatie met lekker eten ze het minst van alles kwalijk te nemen.

Om 12 uur hadden we afgesproken met Carla, een vriendin van Alessandro. Het idee was om samen te gaan lunchen, maar op geheel Griekse wijze evolueerde dat plan tot een onbestemde doch gezellige rondwandeling door het oude centrum, de oude haven en nabije omstreken. Simona verliet ons hangende de excursie wegens een te halen trein naar Genovese omstreken. Ook Carla scheidde ons na verloop van tijd van de groep – kiespijn, waardoor ik uiteindelijk alleen nog met Alessandro aan het rondwandelen was. Hij vertelde dat er eerder een wat ingewikkelde communicatie met Carla was geweest. Dat zij nu uit Padova was overgekomen om in Genova, waar ze eerder langdurig gewoond had, naar de tandarts te gaan en dat het gek zou zijn als ze elkaar dan niet zouden treffen. Blijkbaar ook vreemd dus om elkaar wel te treffen.

PHOTOLOGIX_Genova

Obligaat plaatje in de gaven van Henua

Het geheel bleef wat mysterieus en het lukte danook niet om Carla terug te vinden op het moment dat onze wandeling door de oude haven tot een eind kwam. Ik stelde Alessandro voor om eerder dan voorzien mijn tas #2, die ik ’s ochtends in zijn huis had achtergelaten, prematuur op te halen zodat hij zich out kon sorten met Carla. In eerste instantie hoefde dat niet en was het ook niet nodig enzo, maar toen de aap uit de mouw kwam, bleek het toch wel makkelijk. Kruipdoor en sluipdoor het oude centrum waren we snel weer zu Hause. Ik had de treintijden van Genua tot Pisa al bij aankomst gecheckt en schatte in dat het me precies zou lukken een eerdere trein naar Pisa te scoren.

Naar bleek. Precies met de juiste voorraad aan voedsel, een stralend zonnetje en een goed gemoed wandelde ik naar Brignole, kocht mezelf een kaartje, wachtte twee minuten op de trein en installeerde me vervolgens naar genoegen. Twee uur de tijd om weer bij te geraken met mijn geschriften, maar/en evengoed om het uitzicht onderweg te genieten. Rechts de Middellandse Zee, links wat vrolijk relief. Binnen een plat arabisch brood, belegen met coppa. Wat het dan ook moge zijn. (red: varkensnek) Voor de kleinzoon van een slager is Vleesch smakelijk tenzij het tegendeel bewezen wordt. Wat in dit geval niet het geval was.

Net als op de heenweg kwamen we langs Carrara, een plaats die onlosmakelijk verbonden is met de marmergroeven aldaar. Waarvan langs de spoorlijn uitgebreid acte: ik had een voorbijtogend uitzicht over een gehele marmerparkeerplaats. Het stemt mij zonder uitzondering bijzonder vrolijk om plaatsen aan te doen die ik ‘van vroeger’ ken. Uit een willekeurig aardrijkskunde boek, een stedenkwartet, uit het bordspel ‘Reis door Europa‘… Van die laatste heb ik de meeste plaatsen inmiddels aangedaan, met uitzondering van – uit het blote hoofd, want de laatste keer dat ik het speelde moet tenminste 10 jaar geleden zijn – Narvik (NO), Archangelsk, Moermansk, Skopje, Tirana (waar je in het spel alleen per vliegtuig kunt geraken), Bologna, Bari. Wel geweest in het legendarische Plovdiv (BG), Cluj Napoca (RO). Uppsala (SE) zit er niet in – is wel ook zo’n leuke naam om ns geweest zijn. Fakse in Denemarken, ook heel mooi.

Ik dwaal af. Twee uur na instappen in Genua bereikte ik Pisa. Dankzij de ervaring van een paar dagen vorher, inmiddels bekend terrein. Met dien verschille dat het woensdagochtend een uitgestorven stad leek, en nu op zaterdag middag een krioelende menigte van shopperts. De hoofdstraat leek er minstens driemaal zo lang door.

Dankzij mijn voortijdig aankomen in Pisa, had ik geruim de tijd om een internetcafe te vinden en even wat verhaaltjes te posten. Maar in Pisa volstond die geruime tijd allerminst. Na twee uur koffervoorttrekken was ik nog geen steek verder. Pisa begon me een beetje tegen te staan. Schijtdorp. Niks te zien. Ja, die stomme toren. Als ze m terug recht zouden zetten, kwam er niemand meer naar Pisa behalve de demografisch zwaar oververtegenwoordigde populatie studenten.

In een boekwinkel vond ik een leuk cadeautje voor Lasse. Deel 1 van de boekserie Barbapapa, waarin hij eerst geboren wordt uit een tuin. Jaja, zo lusten we er nog wel een paar. Maar daar niet van: dit is hoe het verder gaat. Barbapapa groeit te groot om in huis te wonen bij het jongetje dat hem altijd water gaf en verhuist hij naar de dierentuin. Komt er achter dat hij zich in alle andere dieren kan veranderen (behalve dat hij altijd knalroze blijft, handige kleur maar niet heus) maar dat hij zich bij geen van die dieren thuisvoelt. Huiliehuilie, en maar dus omdat hij van vorm kan veranderen is ontsnappen een koud kunstje. Dan redt hij een paar mensen van een brand en wordt hij een held. Strakke verhaallijn nietwaar. Met ondertitels in het Italiaans. Mocht U echt van de hoed en de rand willen weten inzake deze wonderlijke familie, zie http://nl.wikipedia.org/wiki/Barbapapa

Bovenstaande doet me er overigens aan herinneren dat ik eerder op de dag een DVD aanschafte met verslag van Vaffanculo-dag 2007 (Fuck You Day), een event dat door Beppe Grillo opgezet is geweest geworden en veel Italianen tot op de dag van vandaag in het geheugen gegniffeld staat.

Al snel werd het zeven uur en werd het tijd om het onderkomen van gastheer Isaia te traceren. Dat bleek nog niet eenvoudig, maar lukte uiteindelijk wel. Sauf: de heer in kwestie was niet thuis. Gelukkig woonde hij samen met nog minstens 10 anderen en werd er aldus gewoon opengedaan. Op zijn kamer trof ik een Russische dame die zojuist was ontwaakt en mij uitnodigde wat rommel opzij te schuiven en op de bank te gaan zitten. Een typische situatie. Al gauw bleek dat ook zij kwam Couchsurfen, dat ze uit Moskou kwam, dat ze in Florence haar studie wilde gaan vervolgen en daar dinsdag een interview zou hebben, dat Isaia in de stad iets Braziliaans aan het doen was, dat ze al 20 jaar in Duitsland woonde na slechts 5 jaar in Moskou. Dat in Moskou andere regels gelden dan in Duitsland met allerlei mooie inherente voorbeelden, waar ik omwille van de lengte dit verhaals even aan voorbij ga maar die ik graag op navraag in levenden lijve navertel.

Na wat ongeveer een half uur geweest moet zijn, kwam Isaia binnen. Hij introduceerde zich, ik introduceerde mij, hij vertelde over het onderkomen waarvan sprake was: een oud nonnenklooster voor vrouwen die niet bijtijds getrouwd raakten. Verder wat ins en outs van de wiskundige bezigheden die hij erop nahield qua PhD, al snel gevolgd door een uitnodiging om in een oude kerk te gaan kijken naar een didgeridoo-concert. Et ben pourquoi pas. Met z’n drieen wandelden we naar 20 meter verderop en inderdaad voltrok zich daar een optreden overeenkomstig het geschetste beeld.

Een bijzondere performance was het, en ik voelde me zeer uitgenodigd er een filmpje van te schieten. In eerste instantie met de mobiele telefoon, totdat ik me realiseerde dat ik natuurlijk ook met m’n fotocamera kan filmen. In HD zelfs. Filmerdefilm. Ik vroeg me af of ze dat niet vervelend zouden vinden, maar besloot daarna het me alsnog niet af te vragen. En terecht, toen de show na 20 minuten ten einde kwam, benaderde een der Oostenrijkers – want dat waren het, opererend onder de naam Die Drei Herren – mij met de vraag of ik de film aan ze wilde opsturen. Jazeker wel. We wisselden kaartjes uit en ik dacht nog: zal ik n CD kopen maar dacht er achteraan dat ik het als verplichting zou doen en dat ik ze toch wel zou onthouden. Het leek me namelijk leuk om ze bij gelegenheid – God wete welke – eens uit te nodigen in Nederland, en daarbij zou dat onthouden wel van pas komen.

De CDs gingen als warmlauwe broodjes over de toonbank – als in: bijna allemaal verkocht – waarna een der Oostenrijkers nogmaals op mij afstapte en me er een cadeau deed. Alvast in ruil voor het opsturen van het filmpje. Ha mooi! De vragen die ik mij in het voorafgaande kwartier had gesteld, werden op deze wijze elegant beantwoord. Ja, ik mocht filmen en nee, ik hoefde geen CD te kopen. Een interessant gevalletje reflectie inzake wat ik meestal vraagomkering noem. En soms vindt die blijkbaar spontaan plaats. Het werkt als volgt. Ik wil iets, maar als ik dat op een dusdanige manier vraag dat U, lezer, er meer baat bij heeft aan mijn vraag tegemoet te komen dan ik oorspronkelijk zelf had, dan keert de onderhandelingspositie en wordt het plots opvallend gemakkelijk om het oorspronkelijk zo begeerde element op elegante wijze te vergaren. Want volgens een win-win strategie waaraan de competitieve, confrontatieve angel is onttrokken. Erg fijn is dat doorgaans.

Na het concert zou een lezing gaan plaatsvinden over Charles Manson. In mijn culturele onwetenheid had ik van dit heerschap nog nooit eerder gehoord, wat vreemd bleek gezien zijn bekendheid alsook de cultstatus die hij zich blijkbaar zonder mijn medeweten en zelfs goeddeels voor mijn geboorte heeft weten toe te eigenen. Vreemd verhaal, met rare foto’s en een handje vol moorden.

De voordracht werd gehouden door een grijsharige professor van wie alleen de riem en ketting deden vermoeden dat hij er hippiese sympathieën op nahield. Afgezien van het verhaal dat hij kwam vertellen natuurlijk. Hij sprak wijselijk en het lukte me gemiddeld om er zo’n beetje de helft van te begrijpen. Mooi hoe Italianen publiekelijk kunnen spreken, ik kan me niet voorstellen dat die gave is voorbehouden aan de n=weinig die ik het heb zien doen. Vrij met je handen kunnen bewegen, dat helpt al heel wat. Stemgebruik, klemtonen. Best goed allemaal. Ik kan me moeilijk voorstellen dat er in Nederland betere theaterscholen bestaan dan de alledaagse Italiaanse praktijk. Misschien ga ik daar nog wel ns iets mee doen, trouwens.

Nadat de heer zijn verhaal had afgehangen, togen we terug naar het nonnenklooster voor een in de tussentijd door huisgenoten bereide maaltijd. Uitzonderlijk genoeg waren alle bewoners in min- of meerdere mate vegetarisch, maar op nog uitzonderlijke basis was er wel een grote salamiworst op tafel gekomen. En alles wat in de centrale keuken op tafel lag, was gemeenschappelijk bezit – zo vertelde Isaia. Opgepast daarmee dus ook.

Het diner bestond uit gemarineerde kikkererwten (wie heeft eigenlijk het woord ERWT uitgevonden, en dan vooral de spelling ervan?) en een ragout van onder andere tomaten en een ingrediënt dat zelfs voor een Nederlander en daardoor zeker voor een Italiaan als een aanslag op het oor geldt: chichorei. Als dat zelfs is hoe je het schrijft. Goed te eten in combinatie met wat dikke plakken salami en een glas rode wijn. De zoveelste in voorbije dagen.

Tijdens en na het eten werd er nog wat muziek geluisterd maar voor de rest was iedereen opvallend moe voor een zaterdagavond. Ik nam deze gelegenheid met beide handen aan om even wat internetwerkzaamheden te verrichten. Even bijlezen wat er in Nederland tussentijds gebeurt, mn eerdere verhaal de wereld inhelpen, een rondje twitter en daarna ook t bed in. Dat bestond uit een matras in de gedeelde ruimte, naast een andere matras waarop Isaia al lag te slapen. Zijn eigen bed had hij aan Maya toevertrouwd.

Morgen deel laatst van het grote Italiëverhaal. Bedankt voor de verrassende hoeveelheid leuke reacties tot dusverre!

Advertenties

Over Bruno van den Elshout

Kunstenaar
Dit bericht werd geplaatst in Nieuws, Ontmoetingen, Op reis (of: ~ geweest) en getagged met , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s