Hoe het was in Zürich, over de fijne kneepjes van het boekbinden

PHOTOLOGIX_Zurich-0628

Het had niet veel gescheeld, of het hele feest was niet doorgegaan. Een dag eerder was Sanne met een dubbele oorontsteking teruggekomen van haar (gewonnen!) koorzangwedstrijd in Denemarken. Of ik wilde beloven dat ik niet naar Zwitserland zou gaan. Gezien de ernst van de situatie leek dat inderdaad de enige verantwoorde optie. Gelukkig brachten nachtrust en een doktersbezoek de patient enige verlichting, waarna ik alsnog mijn spullen kon pakken. Ook hielp het dat de oma’s bereid waren bij te springen. En dat ik beloofde dezelfde avond weer terug naar huis te komen als dat nodig was.

En zo kwam het dat ik na het avondeten de deur achter me dichttrok, vergezeld van twee rolkoffers waarvan een nog leeg. Die was bedoeld voor de dummies waar deze hele trip om begonnen was. Vijf real-life copies van het boek NEW HORIZONS, op het papier zoals we dat gaan gebruiken, in het formaat zoals we dat hebben gekozen en gebonden op de manier die we voor ogen hebben. En dat laatste wel zodanig, dat het boek op alle bladzijden plat open kan liggen, waardoor we het complete papieroppervlak van iedere spread kunnen gebruiken en geen rekening te hoeven houden met de vouw in het midden. Zodat we een staand boek kunnen maken, over een wat-heet horizontaal onderwerp. Waar ik trouwens we zeg, bedoel ik mezelf met vermeerdering van alle andere mensen die op diverse wijzen bij dit stadium van NEW HORIZONS betrokken zijn. Voor het stadium ‘kunstwerk in boekvorm’ zijn dat vooral ontwerper Rob van Hoesel, drukker Arie Lenoir en mede-horizonverkenner Lie van Schelven. Met hullie in samenspraak ben ik weliswaar degene die uiteindelijk bepaalt dat en hoe het boek tot stand komt, maar met hun support en betrokkenheid voelt dit als een collectief project. En dat is bijzonder plezierig. Bovendien is deze reis mede mogelijk gemaakt door horizonaankopers Bas Lamfers, Rody Idema en Jacqueline Heerema, wat ook nog voor wat incrementeel wij-gevoel zorgt.

Bueno, het soort boek dat ik wil maken, kan men binnen Europa alleen in Zwitserland vervaardigen. In Nederland heeft geen enkele binder het apparaat of de expertise om zulke boeken te maken. En dat heeft dat weer een wisselwerking met de aanzienlijke kostprijs die het met zich meebrengt. Duur = moeilijk rendabel te maken = weinig vraag = hoge kosten verdeeld over weinig productie = duur. Een soort cirkelredenatie in Excel. Of een kip-ei-situatie zoals ik een paar jaar geleden heb bepaald me daar nooit meer door te laten tegenhouden.

Fotoboek!
In Zwitserland huist een binder die soortgelijk denkt. En die bij het horen van het bestaan van de techniek besloot de bijbehorende machine aan te schaffen, omdat ze nu eenmaal de beste zijn in hun vak en daarbij hoort het dat je ook bijzondere technieken beheerst. Waar ambacht, kunst en commercie elkaar ontmoeten, zullen we maar zeggen. En hoe ik dat dan weer weet? Dankzij de directeur van het Fotomuseum in Den Haag. Terwijl ik tijdens de manifestatie Fotoboek! (in februari van dit jaar) in de oude bankkluis en public werd geïnterviewd door de oprichter van crowdfundingplatform Voor de Kunst, vertelde hij in een andere ruimte over zijn lievelingsfotoboek Costes. Hoewel ik dat verhaal aldus miste, zag ik tijdens de fotomarkt na afloop alsnog kans het boek in te zien en hem erover te spreken. Dat alles op voorwaarde van stoffen handschoentjes, die ik verzocht werd aan te trekken alvorens het boek ook maar met een vinger aan te raken.

Op die bij Fotoboek! georganiseerde boekenmarkt was ook Rob aanwezig – sterker nog: dankzij hem was ik in de positie beland om op deze vrolijke dag voor het eerst aandacht te vestigen op het boek-in-wording. Samen bekeken we het boek. Dit was precies waar ik naar op zoek was. Een boek als uit een blok gesneden. Plat openliggend op alle pagina’s.

Rob bekijkt fotoboek Costes

Rob bekijkt fotoboek Costes

Terwijl we voorzichtig door het boek bladerden, vertelde de museumdirecteur over het heldhaftige maakproces van het boek: de budgetoverschrijdingen en sowieso de kosten van het gebeuren altogether. En de verkoopprijs: 180 euro. De oplage van 800 exemplaren was zelfs voor de rijke opdrachtgever, het Parijse vijfsterrenhotel Costes, een kostbare escapade.

Met enig zoekwerk wist ik daags na Fotoboek! te achterhalen waar het boek gedrukt was. De binder achterhalen lukte niet eigenhandig, wat eigenlijk vreemd was. Contact met een Nederlandse binder bood in eerste instantie weinig uitkomst, behalve dat de oplossing bestond en bijzonder duur was. Dan liever een alternatief waarover ze graag wilden meedenken. Gelukkig bracht een telefoontje met de drukker heel snel duidelijkheid. Ook daar heldhaftige verhalen. En dat je wel moest weten waar je aan begon. Zij hadden het boek laten binden bij Buckbinderei Burkhardt in Zwitserland. Bubu.ch. En inderdaad was het niet mogelijk in Nederland dezelfde techniek te gebruiken. Qua kostprijs moest ik rekening houden met 25 euro aan bindkosten. Per boek. Ouch. Hoewel ik ook toen de begroting al op eenhonderdduizend euro had voorzien, was het wel even een ding: zo’n beetje de helft van de begroting die opgaat aan het binden…

Aan Rob scheen het wel heel plezierig om met deze techniek te werken, maar of ik wel even mijn realiteitszin wilde bewaren. Grappig hoe nauw dat aansluit bij de horizon. Bij het Kijken voorbij Onmogelijkheden. Bij het varen op Intentie. Waarmee de vraag niet is: Of? maar Hoe? en het vertrekpunt de simpele vaststelling van de manifestatie iets graag te willen.

Referentiekader
Het leek me in dit stadium van het avontuur bovendien van belang te gaan worden om de omvang van het boek inzichtelijk te maken. Voor onszelf, maar ook voor mensen die straks € 212 betalen voor een artikel ‘boek’ dat normaalgesproken niet meer dan 25 euro mag kosten. Winkelprijs, inclusief BTW – en vanuit de boekmaker bezien, inclusief de 42% die de boekwinkel incasseert en alle bijkomende kosten voor distributie, nog los van de ontwerp- en productiekosten. Zo ziet het referentiekader ‘boek’ er immers uit, met hier en daar een uitschieter naar 50 euro, doorgaans voor een Erg Bijzonder Boek van een Erg Gevierde Artiest bij een Erg Bijzondere Gelegenheid.

Het referentiekader Kunstwerk ziet er gelukkig heel anders uit. Daarbinnen is € 212 een prikkie. Amper iets meer dan een tiende van de normale prijs van 1 horizon voor aan de muur, waarvan de oppervlakte net iets meer dan 2 keer zo groot is. Maar dan heb je pas een enkele horizon en dan ook nog in de kleinste maat.

Enfin, so much voor wat betreft de prijs. Het inzichtelijk maken was daaraan bovengeschikt. Invoelbaar. Zo van, dit is wat er te gebeuren staat. En ook voor Rob en mijzelf. Een leeg boek als ideale uitnodiging om met het ontwerp aan de slag te gaan. Wat willen wij dat dit wordt? Wat wil dit worden? En wat is daarin de mooiste synergetische combinatie?

Op reis
Nou, zie daar wat vooraf ging aan mijn verder vrij onspectaculaire wachten op Randstadrail 3 in druilerig weer. En van daar naar het Centraal Station om vlak voor vertrek van de trein naar Utrecht nog een klein zakje winegums te kopen als proviand voor de avond en nacht. In Utrecht de overstap op de nachttrein naar Zurich. Altijd spannend, zo’n aanloopje naar de trein waar het echt om gaat. Want pas als je in die trein zit, weet je dat het wel goed komt. Daarvoor kan elke minuut vertraging nog roet in het eten gooien. En dan sta je daar, met je zitplaatsreservering voor een trein die voor je neus wegrijdt. Niet dat ik die ervaring ken trouwens – gelukkig – maar het hangt altijd zo in de lucht.

Een kwartiertje wachttijd had ik nog over. Genoeg spontaan om een meereiskaartje van iemand te krijgen. Want terwijl ik daar stond kwam een dame me vragen of ik toevallig naar Rhenen ging en of zij dan met mij mee mocht reizen. Nu houd ik er van dat soort spontane acties, maar niet zoveel dat ik er in dit geval mijn eindbestemming voor wilde verruilen. Gelukkig diende zich een weinig later nog iemand anders aan die wel naar Rhenen op weg was. In het gesprek dat volgde vroeg de dame aan mij of ik misschien haar andere meereiskaartje wilde hebben, want ze had er nog een en die ging ze niet voor 31 mei gebruiken. Ik bedankte, want had immers al een kaartje, maar toen ze nog eens benadrukte dat ik het de hele volgende week ook nog kon gebruiken, hapte ik alsnog volgaarne toe. Leuk, misschien om van het weekend ergens naar toe te gaan. Zelf reis ik dan met mijn daluren-Vrij abonnement gratis (na betaling van de maandelijkse abonnementskosten, that is) en als Sanne ook nog gratis mee kan… Blij verrast bedankte ik, de meereiskaart in mijn portemonnee stekend. De trein naar Rhenen vertrok kort later en maakte daarmee ruimte voor de nachttrein die vanaf datzelfde spoor zou vertrekken.

In gedachte mopperde ik weer eens wat op de steeds verder geminimaliseerde internationale treinverbindingen van en naar Nederland, met als een van de dieptepunten dat er geen directe trein meer rijdt tussen Den Haag en Brussel. En Den Haag en Parijs. En dat je voor alles moet reserveren. Niet meer op een willekeurige dag kunt denken: kom, laat ik de trein naar Berlijn nemen, zonder dat je dan voor straf 3x de hoofdprijs moet betalen. Goed, gelukkig had ik mijn kaartje ver genoeg van te voren gekocht om voor weinig mee te mogen. Zittend in de slaaptrein die juist binnen kwam rijden.

Wagon 173, plaats 95. Een gek rijtuig met allemaal coconvormige stoelen. Allemaal in dezelfde richting, zonder stoelen tegenover elkaar dus. En op een zodanige manier geïnstalleerd, dat ik met geen mogelijkheid kon zien wie er nog meer in dezelfde trein zaten. Niet echt prettig voor een nachttrein. Daarin wil ik altijd wat overzicht hebben, want in potentie is het een ongure transportmodus, zo’n nachttrein. Door de nachtelijke tussenstops, sommige van wel een half uur, nog toegankelijker voor slechtwillenden dan een nachtBus van Eurolines waar tenminste nog een chauffeur bij de ingang zit. In een nachttrein hoop je op prettig gezelschap. Voor een leuk gesprek voor het slapengaan, maar vooral als collectieve bescherming tegen wat zou kunnen gebeuren wanneer je in alle kwetsbaarheid je nachtrust consumeert.

Wonder boven wonder lukte het me vrij snel om in slaap te vallen. Van grensstation Emmerich kreeg ik de locomotiefwissel nog wel mee, maar behalve de broodnodige verzittingen was het volgende station in mijn beleving Freiburg. Daar was ik vorig jaar nog op bezoek geweest bij Ton Bil, en had ik besloten dat het tijd was voor een horizonexpositie. Drie maanden later was het zover. Ja, mooi altijd, zo’n tripje in den verre gebruiken om je wensen op een rijtje te zetten en dieraangaand wat keuzes te maken.

PHOTOLOGIX_Zurich-0598

Aankomst in Zürich

Ter plaatse
Slechts een grenscontrole en twee tussenstops gingen nog aan de aankomst in Zürich vooraf. Om 9 uur reden we de Hauptbahnhof binnen. In Zürich was ik wel eerder geweest, maar nog niet op het station. 2005 moet het geweest zijn, twee bezoeken aan een luchtvaartmaatschappij waarin een van de eigenaren van het bedrijf waarvoor ik werkte had geïnvesteerd. Moeizame gesprekken waren dat. De directeur van de luchtvaartmaatschappij had een strategie die discount en luxe op een manier wilde combineren waarvan je uit de verte kon zien dat die niet verenigbaar waren – en de aandeelhouders mochten eens in de zoveel tijd het verschil overbrugggen om zijn hobby te financieren. Voor zolang als het duurde en dat was na ons bezoek niet zo lang meer. En/maar vandaar dat ik van Zürich alleen de luchthaven en directe omgeving gezien heb. Andere bezoeken aan Zwitserland bleven beperkt tot andere gebieden. In 1990 rondom het Meer van Geneve langs de plek waar mijn opa en oma, moeder en oom lang geleden een tijd gewoond hebben, in 1995 naar Interlaken en omstreken. In 2001 naar de stad Geneve en dan die twee keer Zürich Kloten Airport.

Een nieuwe stad dus, sinds Us Europeans een relatieve zeldzaamheid. Nu nog de weg naar Mönchaltorf te vinden, want daar lagen de dummies voor me klaar. Voor slechts 25 euro geraakte ik er met een combinatie van S-bahn en bus. Aardig eindje de stad uit, in het groen. En het grijs, want het deed hier qua druilerigheid niet onder voor de halte Fahrenheitstraat de avond tevoren.

Buchbinderei Burkhardt

Buchbinderei Burkhardt

Om een uur of 10 kreeg ik de binderij in het vizier. Ik liep eerst eens een rondje om het gebouw voor een paar foto’s en wat acclimatisering. En omdat de ingang precies aan de andere kant zat van waar ik was aan komen lopen. Door de geanticipeerde afwezigheid van mijn contactpersoon, had ik een afspraak met meneer Freitag. Die naam associeerde ik vagelijk met Robinson Crusoe dat ik tijdens de middelbare school eens had moeten lezen maar waarvan de essentie destijds al aan me voorbij ging. In dit geval bleek het de algemeen directeur van de drukkerij te zijn – waar ik overigens pas via inspectie van zijn visitekaartje achterkwam. En dat was al geruime tijd nadat ik was voorgesteld aan een enorme stapel papier: de dummies waar het allemaal om te doen was.

In the Bindorama

In the Bindorama

Het leken 5 pakken A4-copier papier van 500 vel, boven op melkaar gestapeld. Dit alles op een staantafel temidden van een representatief ingerichte bibliotheek met uiteenlopende boekproducties. Groot, klein, dik, dun, digitaal, offset, genaaid, Japans gebonden, een breed assortiment aan moois kortom.

Uitgebreid bespraken we de mogelijkheden en onmogelijkheden van het ‘flatbook’. De papierdikte, de tijd die nodig is voor het droogproces, de looprichting van het papier, gramsgewicht (dat we waarschijnlijk van 170 gaan verhogen naar 200), omslag, omdoos, sealing. Dit alles gevolgd door een rondleiding door grote productieruimtes met veel indrukwekkende machines. Zo’n 60 mensen waren er op het moment aan het werk, naar ik schat. Ik kreeg tekst en uitleg over van alles en nog wat, net zolang tot de rondleiding compleet was en ik niet wist welke machine mijn boek zou gaan maken. Of ik even mee wilde komen naar de kelder. Want daar in de hoek in het donker stond een apparaat dat in omvang en uiterlijk schril afstak tegen het machinale geweld op de hogere etages. Een ding, een unit. De enige in Europa, en slechts zelden in gebruik. De flatbook-machine was in omvang niet groter dan pak m beet een uhm… tsja. Net iets te groot voor de gangkast.

En wat het apparaat doet? De achterzijde van alle spreads van een egale lijmlaag voorzien om ze vervolgens met z’n alletjes keihard tegen elkaar aan te persen waardoor het samen een boek wordt. Elke bladzijde die je omslaat, bestaat eigenlijk uit 2 pagina’s die met de achterkanten tegen elkaar gelijmd zijn. Mocht dat iets te abstract overkomen, dan is het juist daarvoor goed dat ik dat inmiddels met een heuse dummy in de hand kan uitleggen.

De flatbookmachine

De flatbookmachine

Terwijl ik rondgeleden werd, had iemand anders de dummy’s los van elkaar verpakt en in de grote paarse rolkoffer gestoken, die daardoor schier ontilbaar was geraakt. Blij dat ik m bij me had, want een andere manier om ze lopend te vervoeren had ik niet ter plaatse willen hoeven bedenken. Meneer Freitag bood aan me af te zetten bij de S-Bahn zodat ik het stukje bus kon overslaan. Dat leek me niet bijzonder nodig, omdat de bussen ieder kwartier reden en ik al genoeg van zijn tijd had opgesoupeerd. Maar aangezien hij vlakbij het station nog wat dingen moest ophalen, scheen het me alsnog vrij handig aan. En terwijl we de toko per auto verlieten, ontstond een gesprek dat uitmondde in het uitgenodigd worden voor een lunch met uitzicht op de Greifensee. Twee maal het dagmenu van aspergesoup en lintpasta met heerlijk malse entrecôte-reepjes en cherrytomaatjes.

Het gesprek dat zich aan den dis ontspon, behandelde een variëteit aan onderwerpen-uit-het-leven gegrepen. Over het maken van keuzes, over kraanwater, over wat echt belangrijk is, over kinderen, over de toekomst van de grafische sector. Erg leuk om weer eens op dat niveau van gedachten te wisselen. Dat is als fotograaf niet zo vanzelfsprekend als het destijds als investeringsscout was. Sowieso wordt de bijdrage van een fotograaf aan de samenleving systematisch onderschat en dan heb ik het nog niet eens over het beeldmateriaal dat zijn of haar werk oplevert. Beeld neemt een steeds belangrijkere rol in ons wereldbegrip in, maar degene die dat komt vastleggen wordt meestal ingeschat als een zak hooi die nog net voldoende verstand heeft om op een geschikt moment op een knop te drukken en zich voor de rest vooral nergens mee moet bemoeien. Zo merk ik dat, vooral wanneer de sociale status van een fotograaf vergelijk met die van bijvoorbeeld een bankier of een wetenschapper. Wie zich deze dagen nog vasthoudt aan het puur rationele in dienst van het kwantificeerbare gewin, die heeft nog een aardig inhaalslagje te slaan de komende tijd. Maar goed, dat alles dus om te zeggen dat de maaltijd in veel opzichten plezierig verliep.

Na het gezellig tafelen was het tijd om afscheid te nemen. Dat gebeurde bij het S-Bahnstation van Uster. Hoe de rest van de dag er uit zou komen te zien, wist ik op dat moment nog niet. Zou het met Sanne al genoeg beter gaan dat ik nog een dag kon blijven? Dat zou me een nieuw treinkaartje besparen, maar een hotelovernachting kosten. Tenzij ik zou kunnen slapen bij Natalia, met wie ik wel had afgesproken om in de vroege avond nog wat te drinken – om daarna al dan niet direct de trein terug te nemen.

Ik SMS-te Sanne voor de laatste tussenstand. Vrijdagochtend thuis was ook goed. Handig om vast te weten, los nog van hoe de keuze uiteindelijk zou uitvallen. Ik rolde de grote koffer de S-Bahn in om bij Hauptbahnhof weer uit te stappen. Een uur of twee ’s middags, dus er resteerde nog volop tijd om de stad wat op me te laten inwerken. Ik nam de uitgang Bahnhofstrasse en liep vanaf daar naar de rand van de Züricher See. Ik had de bedoeling een mooie werkplek te vinden, net zoals Crunch in Den Haag, of Lola Bikes & Coffee. Zo’n plek met veel licht, draadloos internet en wat gezellige buzz. Maar in Zürich viel dat nog niet mee. Chique koffietenten, volop. Upperclass restaurants: nog veel meer. Starbucks: all over the place. En zo zeulde ik een uur of anderhalf met mijn rolkoffer over uiteenlopende ondergronden. Waar ik uiteindelijk terechtkwam, bestelde ik een schaaltje muesli omdat ik geen zin had om over kraanwater te beginnen. Internet kreeg ik niet aan de praat, trouwens. Aardig tentje, maar tamelijk onbruikbaar als werkplek. Hoewel: een mooie gelegenheid om de dummies nog eens uitgebreid te betasten. En vervolgens twee keer ter plekke in slaap te vallen, maar dat terzijde.

Dus anyway, Best wel een ding, zo’n groot boek met niks erin. Een uitnodiging, maar ook een soort verplichting. Confronterend. Oja, hier ging het ook alweer over, behalve de leuke avonturenverhalen. En het is nog mijlenver weg. Even de zorgen, dan weer de voetjes op de grond. Ja, dit is de matter at hand. Een volgende stadium is aangebroken, wen er maar aan. Het mooie van je eigen project, je kunt zelf bijsturen waar je wilt. En de verantwoordelijkheid om dat op het goede moment te doen, me niet te laten tegenhouden door known obstacles. Voorbij Onmogelijkheden kijken en dat blijven doen.

Om 18u zou ik Natalia treffen in de buurt van het hoofdstation. Gelukkig hoefde ik niet de hele weg terug te wandelen, omdat het op zijn zachts gezegd ruimgeprijsde retourtje naar Mönchaltorf gelijk dienst mocht doen als dagkaart voor alle zones tussen het hoofdstation en daar. Met de S-bahn terug dus. En dan toch maar ergens in een een chique koffietentje nog iets niet al te duurs bestellen, ook al had ik mn buik al redelijk vol. Nog meer muesli werd het, in een luxe Italiaans koffietentje dat tot een hotel behoorde. Met internet lukte het ditmaal wel, zodat ik kon vaststellen dat een retourticket voor dezelfde avond me no less dan 150 euro zou gaan kosten, let alone dat ik nog ergens een printer vandaan moest toveren om het ticket geprint te krijgen. Dan toch nog maar ns nadenken hoe ik op niet al te onbeschofte wijze zou gaan fixen dat ik hopelijk bij Natalia op de couch zou mogen surfen…

Het moment van onze afspraak kwam alras naderbij. Tijd dus om alles weer in te pakken en naar het station te versjouwen. Lang hoefde ik daar niet te wachten. Natalia meldde zich er voor ik de omgeving op haar na na hoefde te scannen. Na enige sociale formaliteiten maakte ik haar vlot deelgenoot van mijn overnachtingsdilemma, en nog voor we het stationsgebouw verlieten was de zaak in kannen en kruiken. Mooi, geen haast. En dus volop gelegenheid om weer eens bij te praten sinds we elkaar de laatste keer zagen. Een half jaar eerder waarschijnlijk, in Nederland. Met als voorlopers een ontmoeting in 2009 in Groningen, in 2008 in Warschau op Europareis, in 2006 een toen ik daar een paar keer achter elkaar voor werk naartoe reisde en in 2002 in het Tatrasgebergte toen ik daar met Bas op reis was en zij met vriendin Aga. We go a long way back, weet je.

Het leek me alleraardigst om via het prepareren van een avondmaaltijd een tegenprestatie voor de overnachtingsplek te kunnen leveren, en als zodanig werd die ook aangenomen. Na een drankje ergens, een een bezoek aan de supermarkt, namen we een tram en bus om uiteindelijk in een buitenwijk bij het vliegveld uit te komen. Nu gaat dat er in Zürichse omstreken heel wat anders aan toe dan de buitenwijken die je tussen Parijs en het vliegveld Charles de Gaulle aantreft, en gelukkig maar. Het onderkomen van Natalia bleek een ruime vierkamerwoning in een 4-laags flat, gedeeld met Wilma, een Filipijnse collega, samen werkzaam bij een overkoepelende organisatie voor het internationale accountantswezen. Een prestigieuze aangelegenheid, maar bij nadere uitleg klonk het bepaald niet altijd gezellig in de dagelijkse praktijk.

Terwijl ik een maaltijd componeerde, maakte Natalia in de derde kamer een comfortabel bed klaar voor beslaping. De rest van de avond praatten we nog wat voort over Filipijnse eilanden, vreemde talen, bijgeloof en de zee. Daarna was het bedtijd en kreeg ik de huissleutel zodat ik het de volgende dag rustig aan kon doen. Om 18u zou ik Natalia dan weer treffen bij het station.

Leuk café in Zürich

Leuk café in Zürich

En zo geschiedde. Voorafgaand verwerkte ik wat e-mails, pleegde wat telefoontjes, deed het rustig aan. Tijdje bij de rivier zitten lezen, me verbazend over het almaar langsstromende water. Diepgroen, aan de randen uitlopend naar zandgeel. Eindeloos. Soms dobberde er met zo’n 30 kilometer een een eend voorbij. Tot het begon te regenen. Toen haastte ik me naar het cafe dat Natalia me op de kaart had aangewezen, en dat in tegenstelling tot alle bars van gisteren wel aan mijn wensen zou voldoen. En inderdaad. Het bleek toch mogelijk, ook in Zürich.

18u bij het station werd uiteindelijk 17u30, wat ruimte liet om de World Press Phototentoonstelling elders in de stad nog samen te bekijken. Interessante happening. Mooie plek, aardig wat publiek op de been. Maar wat me aan die expo ieder jaar meer tegen begint te staan – misschien omdat ik wel meegedaan heb, maar niet gewonnen – is de mate van drama die van dingen moet afdruipen voor het aandacht krijgt. De winnende foto’s van de World Press Photo van de afgelopen jaren tonen steeds een archetypisch angstbeeld van hoe je je de wereld NIET graag wilt voorstellen. Je zou maar als buitenaards wezen inzicht krijgen hoe het er in jaar X op de aarde aan toegaat door alleen naar die foto’s te kijken. Op een paar loodrecht van boven gefotografeerde sporters (again, dit jaar basketbalvrouwen – eerder schoonspringsters) en een vrolijke pinguin, diepzeevis of microscopisch insect is het dood en verderf wat de klok slaat.

Een bezoek aan de tentoonstelling verwordt daarmee al snel tot een oefening in aapjes kijken, maar dan cultureel en intellectueel verantwoord. Even lekker gechoqueerd zijn. En je na afloop even relatief happy voelen met je eigen dagelijkse beslommeringen, iets wat niet iedereen en niet altijd op eigen kracht lukt. Een soort Goede Tijden, Slechte Tijden, want net als bij de soaps blijkt de wereld er sinds het begin van de competitie niet bijzonder op vooruit gegaan te zijn. We vochten elkaar de tent uit, en dat is zo gebleven. En het zal ook wel zo blijven, zolang we er blijkbaar behoefte aan hebben om die versie van de werkelijkheid te eerbiedigen en te herventileren.

Dat alles weerhield me er overigens niet van te checken of ik dankzij de inzending van Nieuwe Horizons in het officiële jaarboek netjes werd genoemd in de lijst van deelnemers. Dat bleek inderdaad het geval, doch vreemd genoeg onder de B in plaats van de E. En daardoor gezellig naast Joost van den Broek, die ik erg hoog acht.

Na ons bezoek nam Natalia de tram naar een aansluitende afspraak. Mij restte genoeg tijd om naar het station terug te lopen, een kilometer of 5, geleidelijk bergafwaarts en dus met een soort fysologische wind-mee. Door het stadscentrum met exclusieve horlogewinkels en modehuizen, waar bovendien de champagne op tafel stond te bubbelen en bovenbemiddelde medemensen het goed met elkaar konden vinden. Op uitnodiging, dat wel. Het was geen alledaagse praktijk hoor, die proeverijen. Een festival, voor het eerst gehouden zelfs. Een kleinschalige, over de stad gescatterde miljonairsfair. Met open deuren voor de geinviteerde gearriveerden, doch opzichtig door brede schouders en walki-talkimensen afgeschermd van alledaags gepeupel. Interressant om over na te denken.

Een supermarkt voorzag in mijn aanstaande avondeten. Yoghurt met kersen, noten en rozijnen, brood en worst – vergezeld van een chocoladecadeautje voor Sanne en Lasse. Om kwart over acht was ik terug op het hoofdstation, waar niet veel later de trein naar Amsterdam werd binnengereden. Zonder mijn wagon 173, die defect bleek. Met dank aan vervangend materieel van een klasse hoger, had ik het geluk niet terug te hoeven zitten, maar te mogen liggen. En terwijl het licht boven het Märklin-landschap langzaam uitging, maakte ik me klaar voor de terugreis. Het was weer mooi.

__

Uw keuzemogelijkheden na het lezen van dit verhaal:

1) Kom naar de Borrel bij expositie NEW HORIZONS om in gezellige sfeer door één van de dummies te browsen: zondag 9 juni om 17h00 bij Lunchroom De Overkant, vlakbij station Den Haag Hollands Spoor!

2) Reserveer één of meerdere boeken, via http://www.2012-newhorizons.com/book/

3) Blijf automagisch op de hoogte van de boekontwikkelingen via de maandelijkse Mee op Avontuur-nieuwsbrief.

4) Bekijk de laatste aandelenkoersen op de website van RTL-Z.

Lokale benzinepomp

Lokale benzinepomp

Advertenties

Over Bruno van den Elshout

Kunstenaar
Dit bericht werd geplaatst in Boeken en publicaties, Europa, Leuks uit 2013, NEW HORIZONS, Nieuws, Op reis (of: ~ geweest), Plannen 2013 en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op Hoe het was in Zürich, over de fijne kneepjes van het boekbinden

  1. Pingback: Ditching the deadline – over actie en vertrouwen | Ready2Amaze!

  2. Pingback: 2013, een duidelijk geval van +1 | Ready2Amaze!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s