Een Vrije Vlucht – 24 uur horizonkijken en wat er dan gebeurt

Een week is er al verstreken sinds ik met 8 collega-pioniers 24 uur lang de horizon verkende. Terugkijkend lijkt het alsof iemand me een sprookje heeft voorgelezen. 

NEW HORIZON #6547, 29.09.2012 - 19h00

NEW HORIZON #6547, 29.09.2012 – 19h00

Er was eens… een wens. De wens om de horizon nog beter te leren kennen dan ik al gedaan had door m een jaar lang ieder uur te fotograferen. Een gedeelde wens, want ook alchemiste Lie van Schelven, in de rol van wingflyer nauw bijdragend aan de realisatie van NEW HORIZONS als kunstwerk-in-boekvorm , bleek nieuwsgierig. Moeiteloos vormde zich een plan om 24 uur lang op de horizon in te loggen. Een dag en een nacht, twee volledige cycli van eb en vloed. Op 10 april brachten we dit plan ten uitvoer, onder de noemer ‘Over Eb en Over Vloed‘. De opdracht die we onszelf ten doel stelden, was om te kijken wat er voor ons klaar ligt zodra we het juk van economische schaarstebeleving achter ons laten. Het werd een mooie reis waarop we op verschillende momenten werden vergezeld door mede-tuurders.

Welk een mooie vervolgstap zou het zijn om deze reis in teamverband te maken: als een vlucht vogels die op magische wijze met elkaar samenwerken om onwaarschijnlijke afstanden af te leggen. Daarbij vooral vertrouwend op de draagkracht van hun vleugels, rustend op de wind. Moeiteloos glijdend door grote leegtes: Een Vrije Vlucht.

Onze uitnodiging om deze Vrije Vlucht mee te beleven, werd door velen opgemerkt en raakte her en der verschillende snaren. In de weken en dagen voorafgaand aan de Vrije Vlucht stelde zichzelf zodoende een formatie van 9 samen: 9 mensen die zich in de aanloop ieder op hun eigen manier voorbereidden op een lange reis langs de horizon die in het teken zou komen te staan van moeiteloosheid.

Zo troffen wij elkaar kort na elf uur ’s avonds op zaterdagavond op het Haagse Zuiderstrand, kort voorbij strandtent De Kwartel waar op dat moment nog een feest gaande was dat ons van achtergrondmuziek voorzag. Donker was het, maar de bewolking boven de duinen weerkaatste nog wat restlicht van de stad. Genoeg om ons kampement te stichten. Paraplu’s, windschermen, stoelen en voorraden werden in formatie gerangschikt voordat wij een vuur ontstaken. Dat alles werd bemoeilijkt door wind, en zelfs lichte regen, maar door gerichte samenwerking bleken de elementen afdoende tembaar.

Nadat ik een kort welkomstwoord uitsprak, opende Lie het krachtveld van onze reis door de windrichtingen te begroeten. Daarna nam iedereen zijn of haar plek in en waren we airborne. Ieder voor allen, elk voor z’n eigen. Mijn plaats in de formatie was linksvoor, aan de uiterste westpunt van onze formatie, achter een grote, groene visparasol die als windscherm dienstdeed. Lie had een plek op de andere flank ingenomen, waardoor we van links naar rechts (van op de rug bezien) als volgt waren uitgelijnd: Bruno, Saskia, Marlies, Jean, Carla, Robbert, Lie, Mario, Andre. Het meeste van de tijd zou dat zo blijven, met af en toe een zijsprong van deze of gene.

Verzonken in stilte reisden wij, met de horizon en de golven nog in de verte. Af en toe werd die stilte doorbroken om in praktische faciliteiten te voorzien. Regenjassen, omdat de miezerregen gestaag langs ons bleef waaien. Donker werd het lange tijd, en stil ook nadat het feestje bij de strandtent langzaam uitdoofde. Opkomende en wegebbende buikpijn weerhield me ervan uitgebreid te genieten van de golven die eigenlijk hetzelfde deden. In het kader van de moeiteloosheid probeerde ik de onrust in mijn buik geconcentreerd te doorvoelen: de pijn rustig te laten opkomen om vervolgens weer te laten verdwijnen. Dat ging wel eens ten koste van wat geluid, maar meer dan dit kon ik er niet van maken. Pas tegen de avond zou het het ongerief kalmeren.

In eerste instantie ongemerkt, hield ik me al zittend vooral bezig met de vergelijking met mijn vorige 24-uurs horizonobservatie. Die van 10 april. Kouder was het toen. Allener, maar ook spannender. De golven kwamen toen hoger en dichterbij – totaan mijn tenen, de sensatie van iets compleet nieuws te beleven, elk geluid dat afstak tegen de stilte. Nu ging het er allemaal een stuk rustiger aan toe en wist ik mijzelf in gunstig gezind gezelschap. Waarvan ik bovendien de eer had als captain op te treden, van achter mijn grote groene parasol.

Noemenswaardige gebeurtenissen tijdens de eerste nacht waren het stille bezoek van collega-fotograaf Bart, die onze formatie van afstand nét niet onopgemerkt portretteerde. En een kort treffen met Lie aan de waterlijn, waarin ik een weinig ongenoegen deelde over mijn tot dan toe relatief spanningsloze ervaring, gecombineerd met de ongenode buikpijn die steeds de kop op stak. Ik vertelde hoe ik bij de vorige editie vooral nieuwsgierig was en hoe die nieuwsgierigheid het makkelijk maakte om in rust van de ervaring te genieten. Ik vroeg me hardop af hoe ik ook voorbij de nieuwsgierigheid in de moeiteloosheid kon komen. Lie nodigde me uit een vervolgstap te maken in de richting van ontvankelijkheid. Niet de gerichte actie die, hoe plezierig ook, vooral voortkomt uit een niet-weten en dus schaarste. Nee, dan de ongerichte non-actie die uitgaat van ‘het al weten’ en alles wat volgt verwelkomen. Zoals verveling en buikpijn, in onderhavig geval. Blij vond ik de weg terug naar mijn stoel voor een nieuwe fase van het avontuur.

De eerste nacht. Foto: Bart van Geyt

De eerste nacht. Foto: Bart van Geyt

De golfjes in de verte kwamen in de loop van de nacht dichterbij. Af en toe scheen de Platina Maan bleekjes door de wolken. Een paar keer reed een Mitsubishi-busje voorbij. Af en toe greep iemand naar zijn en haar tas, om rantsoenen aan te breken of kleding aan te passen. Koud was het niet, ook al voelde het soms zo. Af en toe sukkelde ik wat in slaap. Tot daar ineens dezelfde illustere individuen als vorige keer met hun honden de nacht doorbraken. Hetzelfde ruwe taalgebruik, hetzelfde lompe schreeuwen in de vroege donkerte. Verbazingwekkend.

Uren leek het te duren voor de dag aan zou breken, maar uiteindelijk kwam het er toch van. Alles wat eerst zwart was, kleurde eerst langzaam blauw, dan grijs en vervolgens bruin. Nog voor de blauw en groentinten hun intreden deden en de verzadiging langzaam werd opgeschroefd, leek een duik in zee me een ideaal begin van de dag die op aanbreken stond. Jean dacht daar hetzelfde over en dus ontdeden we ons van onze uitvoerige kleding.

Aldus begroetten wij de ze in levenden lijve. Een koude plons ter afsluiting van de eerste acht donkere uren van de reis. Een koude plons ter viering van de dag die nog komen zou, en die na deze duik nog onmogelijk koud kon blijven aanvoelen, naar ik inschatte althans. Zo poedelden wij een minuur of 10 in het overwegend lichtbruin uitziende water. Als helden werden we vervolgens begroet in het basecamp, al zouden later op de dag ook nog anderen de sprong wagen.

De dag was begonnen en er veel veel te ontdekken. Veel grijzen die allemaal van elkaar verschilden door naar andere kleuren te neigen. En ook de eerste strandwandelaars dienden zich aan, uiteindelijk zelfs een compleet peloton deelnemers aan de amateurversie van de Vredesloop. Een paar honderd moeten het er geweest zijn, goed voor minstens anderhalf uur visueel vertier. We zagen ze op een afstand van 20 meter voorbij schuiven, elk in een eigen ritme, eigen flexibiliteit (of gebrek daaraan) en snelheid. Langs de kustlijn zagen we in beide richtingen een langgerekt patroon van kleurrijke staafjes.

Verderop in de ochtend kwam ook het overige strandtoerisme op gang. Het lukte me niettemin goed om de aandacht bij de horizon te houden. Beter zelfs dan de vorige keer, toen ik vooral de afleiding van de golven zocht. Ditmaal meer helderheid, zowel in meteorologisch opzicht als in mijn beleving van het tafereel. Vrijwel moeiteloos lukte het om in de Vrije Vlucht te blijven, zelfs met de buikpijn er telkens weer een schepje bovenop wist te blijven doen. Ik stelde voor dat die extra moeilijkheidsfactor me nog lang zou heugen – wat vooralsnog zonder meer het geval is.

Ochtend, foto: Cees Castricum

Ochtend, foto: Cees Castricum

Af en toe zocht ik de waterlijn op, dan weer wisselde ik wat woorden met deze of gene. Vooral met Saskia, schuin achter me. Bij gelegenheid keek ik over mijn schouder om te zien hoe het er in de andere linies aan toeging. Het zag er meest rustig uit wat me een trots gevoel gaf. Hoe mooi om dit met deze mensen te beleven en terwijl ik me dat realiseerde dacht ik ook terug aan de training van een paar weken eerder bij Ruimte voor Helden. Die ging over de archetypes binnen de legende van Koning Arthur – en maakte me duidelijk dat het tijd was voor een nieuwe stap. Om het archetype van de Magiër te bedanken voor bewezen diensten en van daar de transitie naar Koning te maken. Van zien en voorzien, meest vanaf de zijlijn, naar handelend optreden. Voorop in het avontuur, met de verantwoordelijkheid die daarbij hoort. Zoals dat nodig is om NEW HORIZONS om te smeden tot het kunstwerk-in-boekvorm dat ik voor ogen heb. Zoals ik daarbinnen een rol inneem die ik ook in breder perspectief in te nemen heb.

Zo gezeten aan de horizon, als voorman in de formatie, voelde ik die rol als gegoten om mijn schouders vallen. Het vertrouwen van deze equipe had ik al gekregen en terwijl we samen op reis waren, koos ik ervoor om dat met nadrukkelijke dankbaarheid te ervaren – in het specifiek voor de de rol van Lie als wingflyer: zowel bij het vormgeven van het boek als in deze wonderbaarlijke groepsreis.

Rond het middaguur dienden de eerste bezoekers zich aan. Sommigen doelbewust, anderen toevallig. Onder hen waren Marc en Yvonne, die een goed deel van de vorige aflevering hadden meebeleefd, Rody en Maaike die hun respectievelijke honden uitlieten, alsook Anne die een tijdje in stilte kwam aanzitten. En verderop de middag kwamen Lasse en Sanne ons een bezoek brengen, samen met Jorg, Joanne, Ruben en Neave. Zij brachten liefde mee, en kippensoep, vers kraanwater, appeltaart en krentenbollen. Lasse en Ruben speelden met een vlieger en drentelden lichtvoetig over het strand. Het was allemaal heerlijk om te aanschouwen, temeer omdat het in mijn beleving de kalmte van de vlucht geenszins compromitteerde. Er kwamen wat kleine en losse gesprekjes op gang, er werden wat stoelen gewisseld en na Marlies nam ook Andre nog een duik.

Het zal een uur of 4 geweest zijn toen we gezelschap kregen van Milda, een performance artist uit Litouwen met wie ik reeds in stilte kennismaakte op de dag dat ik in de TEDxBraintrain mijn verhaal ‘NEW HORIZONS – a pioneer’s tale’ zou vertellen. Zij wandelde toen op een grote witte cirkel door Hoog Catherijne, een week lang van 9 tot 5, naar ik later uitvond. Na uitwisseling van de foto die ik van haar actie maakte, had ze enthousiast gereageerd op mijn uitnodiging om de vrije vlucht mee te beleven.

— Onderbreking waarna ik het vervolg maar liefst 3 weken na de ervaring heb nedergeschreven —

Enthousiast meldde Milda zich aan het front, en met haar een verse lading vrolijke energie. Grappig, iemand erbij die ik nog nooit gesproken had anders dan digitaal rondom het doorsturen van de foto die ik van haar art performance maakte – en die ik ook de komende uren amper zou gaan spreken. Ik volstond aldus met een korte begroeting en zag dat Mario voor verdere ontvangstformaliteiten zorgdroeg.

Het kijken in de verte duurde moeiteloos voort, op de buikpijn-hickups na. Op een paar gesprekken in de achterban na bleef het goed rustig en werden er nog meer grijstinten en waterpatronen zichtbaar. Af en toe kwam de zon erbij, terwijl de tijd aan ons voorbij trok. Nadat ik me daarbij een paar keer had afgevraagd of ook Roelof zich nog zou melden, stond hij kort na zes uur voor onze neus om de resterende (eveneens zes) uren mee te reizen. Fijn zo. Met twee gelegenheidvliegers waren we op maximale sterkte om ook de rest van onze reis in moeiteloosheid te kunnen afleggen. En daarvan ook nog eens over fraai beeldmateriaal te kunnen beschikken, want als vanzelfsprekend had Roelof materiaal meegenomen om ons in 360 graden vast te leggen, zodra het licht blauw zou kleuren bij het vallen van de avond.

LITTLEPLANET_Fragment

Het vallen van de avond, foto: Roelof de Vries. Klik op de foto om door het beeld te scrollen!

Rond datzelfde moment stelde Milda voor nog een duik te nemen in het water. Geen idee of ik daar ook oren naar gehad zou hebben als iemand anders het me op datzelfde moment gevraagd had, maar het klonk als een verrassend goed plan. Een duik bij zonsopkomst, een duik bij zonsondergang. Ik was evenwel de enige die genoemde mogelijkheid niet voorbij wilde laten gaan. Op de vraag of we al dan niet in badkleding het water zouden trotseren, moest ik het antwoord even schuldig blijven. In het kader van de moeiteloosheid, was een skinny dip natuurlijk het hoogst haalbare, maar met het oog op een combinatie van omstandigheden (mooie vrouw, koud water, schoonmoeder present en ga zo maar verder) leek het beter te opteren voor de geklede variant. Niet dat ik er direct geen spijt van had, en toch ook weer niet, maar goed. Het zou me onbedoeld nog wel even bezig houden.
Waarom het plan was dat we eerst een stuk zouden rennen en pas verderop in de zee doken is me niet bekend, maar het beviel alleraardigst. Net in de ochtend begon het koud en werd het langzaam aangenamer, zodat we moeiteloos een hele poos in het water konden dobberen. Welk een heerlijkheid, wederom. En wat een typisch gevoel om je van vijf lagen kleding te ontdoen en het daarna zo goed als precies even koud te hebben. Al leek het me een goed idee om me na deze baignade weer zorgvuldig aan te kleden, van lange thermo-onderbroek tot ski-jack. Lof viel ons zwemmers ten deel – als waren wij bikkels en kampioenen – wat erg leuk was. Daarna werd het spoorslags donker en begon een nieuwe episode van de reis. Milda zou daar nog een paar uur van meemaken, zolang als de vertrektijden van bus 24 nog een tijdige thuiskomst konden garanderen. Roelof had al besloten te blijven tot het eind.

Escher, Lichtende Zee, 1933

Escher, Lichtende Zee, 1933

Er werd een vuur ontstoken en de wereld kleurde achtereenvolgens lichtblauw, donkerblauw tot nagenoeg zwart. Af en toe brak de bewolking. Zo zagen we de maansopkomst in het oosten en de Grote Beer recht voor ons, net als op het werk ‘Lichtende Zee’ van Escher, 80 jaar voordien gemaakt. Maar al was het 80,000 jaar, of zelfs een veelvoud daarvan, de essentie van het uitzicht zou er weinig om verschild hebben. Niet geheel onwelkom maakte de duisternis ook ruimte voor een sanitaire stop aan de duinrand, waardoor de buikpijn aanzienlijk werd geluwd. Fijn. Nu kon ik mij extra ontvankelijk opstellen voor wat nog komen zou. Een paar wandelingen naar de waterlijn, een wisselingen in de formatie, een korte zit aan het vuur. De tijd verstreek in een bijzondere mix van traag en spoorslags.

Zo was ik al gevoeglijk aan het aftellen toen ik iemand hoorde zeggen dat het ‘pas’ 11 uur was. En ervoer ik enige onmin toen Robbert na wat formatiewisselingen niet van zins leek om van mijn stoel op te staan, terwijl ik er nadrukkelijk aan hechtte de reis te voltooien op de plek waarop ik haar had ingezet. Maar als vanzelf kwam het goed en toen ineens klonk zachtjes maar kordaat vanuit de stilte: Het is twaalf uur. Was getekend: Mario.

Langzaam stond iedereen op. Gezamenlijk liepen we naar de waterlijn. Wat daar precies in welke volgorde gebeurde, is me inmiddels ontschoten. In ieder geval begroette Lie uit ons aller naam de windrichtingen nogmaals in dankbaarheid. Iedereen omhelsde daarna iedereen, want ook al ging het om moeiteloosheid: het was eenieder duidelijk welk een gave prestatie we hadden geleverd.

Restte nog de boel op te ruimen en af te breken. Vooral voor wie het een tijdje koud gehad had, was dit een mooie gelegenheid tot opwarming. Want na het inpakken en verzeulen van alle bagage, en na het oversteken van de duinen, was er niemand die het nog koud had. Ieder vertrok in zijn of haar windrichting en het feest was voorbij.

___

Aftermath

De dag na onze horizonreis ga ik vrolijk weer aan het werk. Vermoeid ben ik nauwelijks. Wel voelt mijn voorhoofd warm aan. Als een plaatselijke koorts. Mijn ogen kietelen wat. Onder invloed van mijn computerbeeldscherm wordt dat in de loop van de dag erger, tot ik bijna continue in mijn ogen zit te wrijven. Op dag t+2 beginnen neus en ogen onophoudelijk te tranen. Het voelt als wat gebeurt op het moment dat je immuunsysteem een griepje gepareerd heeft, maar dan zonder het griepje. Epicentrum: midden tussen de ogen. Lie wijst me op het Derde Oog dat daar huist en dat mogelijk geprikkeld is geraakt geworden. Enige research wijst op hoge relevantie binnen de kwaliteiten die we de horizon toedichten: “Het Ajna-chakra staat voor de verzorging de verbinding met de geestelijke wereld en de opening van de poorten naar intuïtieve kennis. Het verwijst naar een werkelijkheid die tevoorschijn komt zodra het dualistisch waarnemen van de wereld overstegen wordt en de gedachten tot rust komen.” Hoppa.

___

Reflectie na afloop

“Leuk hoor, dat je dat doet. Maar wat levert het nou op?” – Ja, comprimeer dat maar eens naar een gemiddelde aandachtsspanne anno 2013. Wat het mij nu al twee keer heeft opgeleverd, is het gevoel een week op vakantie te zijn geweest terwijl het me maar een dag aan tijd heeft gekost. De omgekeerde ervaring van op een en dezelfde dag heen en weer te reizen naar Londen per vliegtuig. Onderliggend hebben beide edities me het gevoel gegeven dat je ruimte kunt maken door ergens voor te kiezen. Gewoon, een keuze maken. Daarmee maak je ruimte. Creëer je ontvankelijkheid om te ervaren wat je wilt ervaren, en al het andere los te laten.

En in de vergelijking met de vorige editie heb ik ervaren hoe groot een verschil het maakt of je iets in je eentje onderneemt of in teamverband. Want ook al blijft de ervaring voor iedereen individueel en uniek, het is onvoorstelbaar hoeveel lichter je onderneming wordt als je m in samenwerking vormgeeft. ‘Best when shared’ is een titel die ik al eens meegaf aan een verzameling fotowerken die ik maakte in de periode 2001-2010. ‘Best when shared’ is ook wat me bijblijft van deze Vrije Vlucht. De coherente energie van speelse gezamenlijkheid als draagkracht onder je vleugels. En daar ontvankelijk voor zijn, dat is de grote les die de Vrije Vlucht mij heeft geleerd.


Wil je ook eens een 24-uurs horizonobservatie meemaken? Kijk op http://www.newhorizonsahead.nl/horizonobservatie of schrijf je in voor de nieuwsbrief Mee op Avontuur om te weten wanneer de volgende editie plaatsvindt.

Advertenties

Over Bruno van den Elshout

Kunstenaar
Dit bericht werd geplaatst in Horizonexpedities, Human scale, Leuks uit 2013, Me myself and I, NEW HORIZONS, Nieuws, Ontmoetingen, Op reis (of: ~ geweest), Synchroniciteit en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Een Vrije Vlucht – 24 uur horizonkijken en wat er dan gebeurt

  1. Pingback: Killing darlings – het beeldselectieproces van NEW HORIZONS | Ready2Amaze!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s