Hoe ik het zou doen, Zomergasten presenteren (deel 3)

Voortbordurend op mijn wens om in 2020 het TV-programma Zomergasten te presenteren, kijk ik deze zomer alle zes afleveringen van het programma. Steeds met de vraag: hoe zou ik dat doen?

Voor het derde deel in de blogserie bekeek ik het interview van Janine Abbring met Marleen Stikker, internetpionier en directeur van De Waag. Dat ging tegelijkertijd heel goed en toch ook niet. Bij het besturen van de vorm, werd ik namelijk danig afgeleid door de inhoud. Wat Marleen vertelde vond ik dusdanig interessant, dat ik Janine regelmatig uit het oog ben verloren. Wat op zich goed nieuws is. En niet.

Misschien daardoor heb ik Janine weinig zien doen dat dat ver af staat van de eerste twee afleveringen. Dus blijf ik wat hangen in wat kleine terugkerende irritaties, die niet voorbehouden zijn aan deze aflevering. En die gelukkig bijna wegvallen tegen de interessantheid, relevantie en urgentie van het verhaal dat Marleen Stikker komt brengen.

Dus gaat deel 3 over:

Kleine Ergernissen

  • JA als breekijzer – ik hoor Janine heel vaak vrij hard JA zeggen wanneer Marleen aan het woord is, en dan steeds als reactie op iets wat zij zegt, maar nog net voor ze uitgepraat is. Maar er is iets met dat JA. Een deel ervan is aanmoediging. Maar meer dan de andere helft klinkt mij gewoonweg agressief en dominant. Met iedere JA verschaft ze zichzelf gelegenheid om de regie over het gesprek terug te pakken. Soms doet ze dat. En soms lukt het. En soms niet. Maar steeds is het alsof iemand een kei in een lief stromend beekje gooit. Ik houd er meer van om dat beekje te zien kabbelen.
  • Wat is je vraag? – Het komt me soms voor als een modeverschijnsel. Om wanneer iemand iets zegt, gewoon ‘zomaar’ iets te terug te poneren (soms gevolgd door “, toch?” en soms met een quasi-vragende intonatie), en dan te verwachten dat er als een soort actie is min reactie een antwoord komt op iets dat geen vraag was, maar een stelling. (Lees die zin gerust nog eens…). Janine doet het ook regelmatig.En dan valt er na zo’n ponering een korte stilte, die bepaald niet van de kwaliteit is zoals de stilte waarover ik vorige week schreef. Maar stilte in de vorm van een vraagteken dat de bevraagde zélf achter de stelling aan moet plakken. En zodra dat gebeurd is, kan het gesprek weer verder. Maar ligt er -plons- nóg een kei in de rivier.”JA, dit is dan weer zo’n voorbeeld dat je denkt: goh doe dan maar die blauwe … pil. [stilte]”

    of:

    “…Maar hoe.. want jullie hebben uh uh met de Waag onder andere die Fairphone in de markt gezet, of in de markt proberen te zetten. En, ja dat zegt het al, Fair Phone. Uh. Dat is geen groot succes… [stilte] Toch?”

  • Make believe – Serieus kijken en goed luisteren zijn twee verschillende dingen. Ik heb ze ook wel eens door elkaar gehaald. Vroeger op de basisschool. Toen we nog wel katechese (godsdienst, katholiek) als vak kregen, maar het al niet meer de bon ton was om daar nog een beoordeling aan te koppelen. Als tussenoplossing kreeg je daarom geen cijfer voor godsdienstkennis, maar wat ‘aandacht tijdens katechese’ heette. Het leek mij daarom interessant om me tijdens die les heel aandachtig te gedragen  om te kijken of me dat een goed cijfer zou opleveren. Ik kan me niet meer herinneren hoe goed dat werkte. Maar zie Janine nu iets doen wat er zoveel op lijkt, dat ik het voor ditzelfde aanzie.
  • Sneer? En was de conclusie van Janine aan het einde een sneer naar haar eigen ouders? Ik kon m niet goed plaatsen. Dit was m: “…En ik ga inderdaad proberen iets meer mogelijkheidsmens te worden en niet zozeer werkelijkheidmens. Hoewel je (??) opvoeding daar ook best wel een grote rol in speelt, moet ik zeggen.”

En/maar ik ben blij dat Marleen Stikker blijkbaar (want ik kende haar eerder niet) zo helder kan vertellen. Onverstoorbaar, vrij van eigen belang, van onderkoelde of overschatte belangrijkheid. Vanuit gelijkwaardigheid. Ik zeg altijd maar zo: “Als je verhaal staat als een huis, zal elke steen in de beek je een worst zijn.”

Laat ons allemaal mogelijkheidsmensen worden die verder kunnen kijken dan ons gefragmenteerde denken, zonder de werkelijkheid uit het oog te verliezen. Noch uit het hart.

En hoe ik het dan zou doen?
Ohja, daar was het om begonnen. Nuwel, door niet agressief JA te zeggen telkens. En een vraag stellen in de vorm van een vraag. Niet het gevoel hebben zo hyper-alert te moeten zijn. Door te luisteren en daar mijn aandacht op te richten, in plaats van me zorgen over te maken of ik de indruk wek me met luisteren bezig te houden. Meer zelf genieten dus ook vooral: van drie uur lang alle tijd van de wereld te hebben met iemand die zoveel gaafs te vertellen heeft.

~~

Volkskrant, The Post Online en Trouw over deze aflevering:
Marleen Stikker toont zich een onverbeterlijk mogelijkheidsmens bij Zomergasten
Onbekende Marleen Stikker tilt programma naar ouderwets hoog niveau
Weer geen sterke ‘Zomergasten’, en dat lag niet aan Marleen Stikker


Je kunt de aflevering waar deze blogpost over gaat nog t/m 21 augustus terugkijken, daarna via de podcast terugluisteren. Meer over Whatever the Weather lees je op de gelijknamige website. Wil je weten of ik in 2020 daadwerkelijk Zomergasten presenteer? Meld je dan aan voor mijn nieuwsbrief Mee op Avontuur.

Zomergasten_Marleen Stikker

Advertenties

Over Bruno van den Elshout

Kunstenaar
Dit bericht werd geplaatst in Nieuws, Ontmoetingen, wezenlijke ontmoeting, zomergasten en getagged met , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

2 reacties op Hoe ik het zou doen, Zomergasten presenteren (deel 3)

  1. Rijk zegt:

    Wie is Bruno om te menen het beter te kunnen. 2 keer kijken omdat hij afgeleid was door de inhoud. Prima toch. Het gaat toch om de inhoud, de vorm is bijzaak. Bij de meeste programma’s wordt je afgeleid door de vorm en het bijgeleverde lawaai

    • Beste Rijk, dank voor je reactie. In je eerste vraag herken ik geen vraag. Als toelichting op de rest van je bericht: ja, het is inderdaad prima dat de inhoud de vorm overstijgt. Alleen als ik me heb voorgenomen juist die vorm te onderzoeken en daar een serie blogposts aan te wijden, is het niet handig. En/maar het spijt me dat dit verhaal een beetje een zeikerig is geworden. De volgende editie zal anders zijn. Ga ik me los van Janine afvragen wat ik denk dat nodig is om Zomergasten goed te presenteren. Naar welke uitdagingen ik daarin verwacht, zonder me nog druk te maken over hoe ik die zou oplossen. Dat wordt vast een leuker leesbaar en hopelijk sympathieker overkomend verhaal.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s